Flo van der Waa

Een werk aan het midden van een muur in een neutrale ruimte zorgt ervoor dat alle aandacht centraal naar het werk geleid wordt. Er ontstaat een afstand die het werk uit zijn alledaagsheid haalt. De dialoog tussen beschouwer en object veranderd enorm ten opzichte van de situatie in het atelier. De situatie in deze neutrale ruimte werkt veel dwingender, het werk trekt alle aandacht naar zichzelf toe. Dit zorgt ervoor dat er geen spanning rondom het werk ontstaat, er is geen sprake van een ruimtelijke dialoog zoals in het atelier.

In het atelier gebeurt er van alles, overal zit wel iets dat beeldend meedoet. Het is een chaos van kleur, materiaal en vorm, er heerst een drukte. Wat zou er gebeuren als ik het werk minder neutraal ophang in deze neutrale ruimte?

Aan een andere muur in dezelfde ruimte loopt er over het midden van de muur een buis en een stukje naar rechts zien we een vensterbank waar ooit een open haard heeft gezeten. Het werk heb ik tussen deze twee elementen gehangen, dicht bij de plint van de vloer. Op deze manier speelt het werk een spel met de scheiding tussen vloer en plint. Er ontstaat ook een spanning tussen het werk, de buis aan de muur en de vensterbank. De buis, de plint en de vensterbank worden elementen die de spanning binnen het werk versterken omdat ze ervoor zorgen dat er ook een spanning rondom het werk ontstaat.

(Deze ruimtelijke spanning is in de foto's minder duidelijk aangezien een foto altijd een constructie blijft terwijl je in het werkelijke kijken voortdurend construeert en deconstrueert.)

Ik heb Pol Veldhuizen de opdracht gegeven om twee niet neutrale plaatsen in de stad te kiezen zodat we kunnen waarnemen wat een andere locatie met het werk doet. 

We kwamen aan bij het Landbouwbelang, een kraakpand waarvan de buitenmuren vol zitten met graffiti. Zou deze wand vol graffiti de kwaliteit van het werk omlaaghalen of juist versterken?

Het werk veranderd in een “spierwit vlak”. De graffiti muur, de achtergrond, valt veel meer op vanwege dit witte vlak, maar het witte vlak wordt als wit vlak ook versterkt door de drukke achtergrond. Op het atelier is de dialoog gebaseerd op bepaalde gelijkenissen die door het atelier vloeien terwijl op deze locatie de dialoog juist gebaseerd is op een tegenstelling. Het zijn twee totaal verschillende beelden die als tegenstelling op elkaar werken. Deze reactie ontstaat mede doordat de werken beide weinig keus hebben, ze zitten recht tegen elkaar geplakt dus het beeld los zien van elkaar is niet mogelijk. De dialoog hier heeft een veel geforceerder uiterlijk dan de dialoog in mijn atelier, in mijn atelier ontstaat de dialoog op een spontanere manier.


In het werkelijke kijken is er een voortdurende verandering van standpunt.

De laatste plaats waar wij dit werk mee naartoe hebben genomen is de woonkamer van Pol. In Pol’s woonkamer verandert het werk alweer vanwege de locatie. De alledaagsheid van het werk die in de neutrale ruimte aan het midden van de muur wegvalt komt in deze ruimte juist heel duidelijk terug. Het werk gaat een relatie aan met de ruimte en begint te fungeren als een levenscompagnon, een persoonlijk object.

Pol had door zijn woning heen overal kleine dingetjes aan de muur hangen, laten we ze experimentele woning decoraties noemen. Het werk gaat uit eigen beweging een connectie aan met deze experimentele woningdecoraties. Deze connectie zorgt ervoor dat het werk wederom een ruimtelijke relatie aangaat. Het wordt deel van het wonen.

Deze dialoog ligt, vergeleken met de andere locatie's, het dichtst bij de dialoog die zich afspeelt in mijn atelier. De reden daarvoor is omdat het werk niet geforceerd wordt om een dialoog aan te gaan maar deze connectie uit eigen beweging legt. Deze dialoog ligt wel het dichtst bij de dialoog in mijn atelier vanwege de spontaniteit maar het beeld is absoluut niet hetzelfde.

Pol Veldhuizen heeft ook meegewerkt aan dit onderzoek, zijn persoonlijke visie is hier te vinden.